De NGI-terreinploeg aan het werk

De leden van de terreinploeg worden vaak beschouwd als de ambassadeurs van het NGI. Ze zijn ter plaatse aanwezig, staan in rechtstreeks contact met de burger en geven zichtbaarheid aan een van de belangrijkste taken van het NGI: het Belgische grondgebied opmeten en observeren om het zo nauwkeurig en volledig mogelijk in kaart te brengen. Naast het verzamelen van de informatie die nodig is om de kaarten bij te werken, werken ze mee aan andere projecten, zoals de herziening van geodetische gegevens, het controleren van altimetrische punten en het meten van luchtvaartobstakels. Zo stellen ze het NGI in staat om zijn wettelijke en internationale verplichtingen na te komen en opdrachten van openbare dienst te vervullen. In 2025 hebben de 14 cartografen en topografen van het team duizenden kilometers afgelegd doorheen heel België om deze verschillende opdrachten tot een goed einde te brengen. Hier volgt een overzicht van hun belangrijkste realisaties in 2025.

Verificatie en verdichting van het altimetrisch net

In 2025 werden 403 dagen aan waterpasmeting uitgevoerd, over een totale lengte van 316 km. Deze metingen dienen zowel voor de controle van het bestaande netwerk als voor het toevoegen van geodetische punten om het netwerk verder te verdichten.

  • Regio Vresse-sur-Semois: een traject van 50 km van het hoogtenetwerk werd opnieuw opgemeten.
  • Oosterweelzone in Antwerpen: 38 km van het netwerk werd gecontroleerd om uiterst nauwkeurige steunpunten te leveren in het kader van de werken aan de autosnelwegen van de Oosterweelverbinding.
  • Regio De Moeren: 165 km van het netwerk van eerste orde werd gecontroleerd. Deze verificatie was noodzakelijk omdat sommige metingen al meer dan 50 jaar niet waren nagekeken.
  • Antwerpen: waterpasmetingen werden uitgevoerd in een groot deel van het Antwerpse havengebied en langs de Oosterweellink.
  • Lijn van eerste orde tussen de Franse grens en Gent: deze lijn werd gecontroleerd over een afstand van 79 km. Lijnen die vanuit de grenzen vertrekken krijgen prioriteit, omdat ze ons netwerk koppelen aan het Europese geodetische netwerk en de verbinding vormen tussen Frankrijk en Nederland.
  • 17 ad-hoc verificatieprojecten: deze werden uitgevoerd op basis van meldingen van burgers. In totaal werd een traject van 56 km gecontroleerd om bekende punten te verbinden met doorgegeven merktekens die als problematisch werden beoordeeld.

Jaarlijkse controle van de GNSS-antennes (WALCORS en FLEPOS)

In 2025 controleerden de topografen de positie van 36 GNSS-referentie-antennes. De verificatie van de positionering van deze antennes is essentieel om de kwaliteit van RTK-correcties die ze leveren, te verzekeren. De referentie-antennes dragen bij aan de RTK-oplossingen FLEPOS en WALCORS, waarop talrijke Belgische gebruikers dagelijks rekenen om hun werk correct en nauwkeurig te kunnen uitvoeren.

Ground Control Points (GCP)

In 2025 werden systematische metingen uitgevoerd van 2580 Ground Control Points (GCP) op 11 kaartbladen, ofwel 7040 km², wat overeenkomt met 23 % van ons grondgebied. Samen met de gegevens die sinds 2022 verzameld zijn, dekken de gegevens die op deze manier bijeengebracht zijn het volledige Belgische grondgebied.

Daarnaast werden extra metingen uitgevoerd op specifieke locaties binnen de militaire basis van Florennes. Deze metingen maken het mogelijk om de exacte positie van objecten die zichtbaar zijn op luchtfoto’s te bepalen, wat hun verwerking vergemakkelijkt.

Electronic Terrain and Obstacle Data (eTOD)

Voor het project eTOD werden 32 luchtvaarthindernissen op het terrein precies ingemeten, hetzij in het kader van de eTOD-procedure hetzij met het oog op kwaliteitscontrole van onze gegevens. Hiernaast werden ook extra metingen verricht op 10 vliegvelden voor de jaarlijkse controle van luchtvaarthindernissen. Deze opdracht werd voltooid in 11 meetdagen en 12 dagen voor de berekening van de resultaten.

Update wegennet

In het kader van het FlexProd-proces hebben 8 terreincartografen gedurende een totale periode van 714 dagen de geografische gegevens op het terrein bijgewerkt op 11 kaartbladen, wat neerkomt op zo’n 7040 km². Deze controles worden uitgevoerd op basis van opmerkingen en interne en externe informatie en zijn in de eerste plaats gericht op het netwerk van wegen, fietsroutes en wandelpaden. Gebruikers van onze applicaties en kaarten krijgen bijgevolg de kans om ongeveer 7000 km nieuwe wegen, 950 km nieuwe aardewegen en 2000 km nieuwe wandelpaden te verkennen en te ontdekken. Dit betekent een toename van 35 % in de inventarisatie en kartering van routes voor zachte mobiliteit (fietspaden, wandelwegen…). Dankzij de gelijktijdige controle van de bestaande gegevens is ook de cartografische kwaliteit van meer dan 60.000 andere objecten in onze topografisch-geografische inventaris verbeterd.

Controle van Points of Interest (POI) van kleine cartografische projecten en van de classificatie van het wegennet

Op 3 kaartbladen uit de reeks op schaal 1:50 000 werden ongeveer 1000 kapelletjes, kruisen en andere kleine cartografische objecten gecontroleerd. Dat gebeurde met het oog op de noodzakelijke actualisering van dit type cartografische objecten op de bladen en hun publicatie op verschillende schalen.

Daarnaast is er een nieuwe actualisering uitgevoerd op twee 50k-bladen (regio’s Bergen en Charleroi), met als doel de status van wegen te controleren. Deze actualisering heeft een grote invloed op de visuele weergave van cartografische applicaties en papieren kaarten, aangezien de categorisering van wegen een belangrijk visueel element is in de symbolisering en generalisatie van onze verschillende cartografische producten.